23 augustus, 2016

Tapuit vertoont vliegenvangergdrag


Vanavond zag ik langs de Groeneweg in Schiedam gelijktijdig een Paapje en een Tapuit. Ja het trekseizoen is weer aangebroken... Hoewel nog volop zomer zijn er toch al tekenen die wijzen op verandering van de seizoenen. Sommige vogelsoorten trekken al weer door en zijn zelfs al helemaal verdwenen zoals de Gierzwaluw. De Tapuit die ik vanavond zag zat op de nok van een loods bij een boerderij. Regelmatig werd er een opmerkelijke voedselvlucht gemaakt waarbij de vogel trachtte een insect te verschalken. Om de paar minuten werd er een vliegenvangerachtige vlucht gemaakt waar bij de tapuit redelijk succesvol was. Het lukte me dit gedrag met mijn Nikon 7100 vast te leggen. De zon stond laag achter me waardoor de vogel goed werd belicht. Ik kon een lage ISO-waarde van 200 ISO gebruiken en hield daarbij voldoende sluitersnelheid over voor een scherpe foto. Ik kon hierdoor achteraf een mooie crop maken van een aantal vliegbeelden. De zitfoto heb ik gemaakt met mijn Nikon P900.

Tapuit - Northern Wheatear - Oenanthe oenanthe
Tapuit - Northern Wheatear - Oenanthe oenanthe

Tapuit - Northern Wheatear - Oenanthe oenanthe

Tapuit - Northern Wheatear - Oenanthe oenanthe

Tapuit - Northern Wheatear - Oenanthe oenanthe

Alvast weer bedankt voor het bezoek aan mijn Blog en de reacties op mijn vorige Blog.

18 augustus, 2016

Zwarte Ibis

Net terug van een Cruise langs de Noordse Fjorden kon ik drie dingen doen. De  foto's van de cruise uitzoeken, Mijn schuurtje op de volkstuin verven of gaan vogelen. Je begrijpt wel waar ik voor heb gekozen... De foto's van de Cruise houdt u nog te goed. Al enige jaren zijn er in Nederland in klein aantal Zwarte Ibissen te zien. Vandaag zag ik er eentje bij Berkel en Rodenrijs in de Voorafsche Polder, Lansingerland (gemeente). Eigenlijk was ik op zoek naar een Waterrietzanger die daar de vorige dag was gezien. Nog nooit is het me gelukt hiervan een foto te maken... Uitdagingen moet je altijd blijven houden en illusies misschien ook wel. Toen het niet lukte met de Waterrietzanger was ik heel blij met de buitenkans om een Zwarte Ibis in volwassen kleed te fotograferen. Ondanks de grote afstand en het tijdstip van de dag (we fotograferen natuurlijk bij voorkeur 's morgensvroeg of in de namiddag) lukte het me enkele leuke opnamen en filmpjes te maken met de Nikon P900. In de groothoekstand (24 mm) zie je aan de overkant van de plas rechts onder de hoogspanningsmast nog net als stipje de Zwarte Ibis staan. Verbazingwekkend is toch nog de kwaliteit van de foto's in de uiterste zoomstand (2000 mm).

Voorafsche Polder, Lansingerland (gemeente)
Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus

Zwarte Ibis - Glossy Ibis - Plegadis falcinellus





Alvast weer bedankt voor het bezoek aan mijn Blog en de reacties op mijn vorige Blog.

07 augustus, 2016

Ransuil op de tuintafel

Kort geleden werd ik getipt over de aanwezigheid van in totaal zes Ransuilen op een plek niet ver van mijn huis vandaan. Een Ransuil zien is altijd bijzonder en zeer de moeite waard. Als het lukt om er ook nog een aantal leuke foto's van te maken dan is je dag geslaagd.
De tip krijgen en op onderzoek uitgaan wil niet altijd zeggen dat je ze zomaar kan vinden... De eerste keer sprak ik wel een aantal mensen uit de buurt van de opgegeven plek die ze hadden gehoord en gezien. Dat was hoopgevend. Zoals we weten worden Ransuilen pas actief als het gaat schemeren. Eerlijk gezegd vond ik de omgeving niet uitnodigend vanwege de vele blaffende honden. Het waren geen schoothondjes! Voor mij een reden om daar niet 's nachts rond te gaan kijken. De volgende dag kreeg ik een betere plaatsaanduiding en ben weer gaan zoeken. Helaas heb ik ze toen weer niet gevonden. Wel sprak ik een vriendelijke gastvrije man Hubert van Beckem die ik nog kende van een ontmoeting een aantal jaar geleden. Hij beloofde mij te bellen als de Ransuilen weer werden gezien, wel onder de strikte voorwaarde dat ik de plek niet bekend zou maken. Uiteraard heb ik hem mijn woord gegeven. De volgende dag werd ik gebeld en kreeg de tip dat er een Ransuil vlakbij zijn tuin zat. Uiteraard ben ik na het avondeten spoorslags naar de plek gefietst waar ik door Hubert werd opgevangen en naar de plek van de Ransuil werd gebracht. Helaas was de vogel gevlogen...Totdat we terug lopend naar zijn tuin er ineens twee zagen zitten verscholen in een taxus. Bingo!!
 

Wat later op de avond ben ik nog even terug gegaan en zag plotseling een uil op een tuintafel zitten. Wow wat een waarneming en buitenkans. Helemaal vrijzittend!!!
 



Later zie ik ook nog een tweede exemplaar...

 


Alvast weer bedankt voor het bezoek aan dit Blog en de reacties op mijn vorige Blog


04 augustus, 2016

Vuurgoudhaan

De Vuurgoudhaan lijkt oppervlakkig gezien op de Goudhaan en is iets groter, maar verschilt door de duidelijke witte wenkbrauwstreep met zwarte oogstreep. Ook bij dit vogeltje heeft het vrouwtje gele kruinveertjes en het mannetje oranje. Grijsgroene rug en witte vleugelstreep, de buik is beige van kleur. Het gedrag is ook ongeveer hetzelfde als van de Goudhaan. Wat geldt voor de Goudhaan geldt ook voor de Vuurgoudhaan. Ook zij hebben een voorkeur voor taxushagen en struiken. Ook zij zijn in de wintermaanden talrijker dan in de zomermaanden   omdat de aantallen aangevuld worden met trekvogels uit Scandinavië. Hij heeft een scherpe korte roep, de zang lijkt piepend krijtje. De Vuurgoudhaan is zeldzamer dan de Goudhaan. Hij komt voornamelijk voor in naaldbomen, maar ook wel in loofbos. Zijn voedsel bestaat uit kleine insecten, bladluizen en  spinnetjes. Ze zoeken ze op een behendige manier, vaak ondersteboven hangend in de takken. In de winter hebben ze het erg moeilijk en moet er de hele dag gegeten worden. Veel vogels   leggen dan ook het loodje tijdens lange koude nachten. Het bolvormige nest van spinrag, haar, mos en korstmos wordt  meestal in een naaldboom gemaakt en hangt aan het einde van een tak en is  prachtig geweven. Alleen het vrouwtje broedt de 7 tot 10 eieren uit. Na twee weken zijn de kuikens vlieg vlug. Ze hebben dan nog geen gele of oranje kruin.

Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus
Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus
Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus
Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus
Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus
Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus
Vuurgoudhaan - Firecrest - Regulus ignicapillus

Groenling

Zo groot als een mus. Hij heeft een dikke kop met    hoge, lichte kegelsnavel. Hij heeft een gele tot geelgroene vleugelrand (handpenranden), samen met zijn gele staartzijde erg opvallend tijdens het vliegen. Het mannetje is overwegend geel-groen, en het   vrouwtje is onopvallender bruiner. Hij roept kort 'ghuuk' of 'ghuup'. Dit is vaak snel herhaald als bijna trillend 'ghuukghuukghuuk'. Ook maakt hij een meer fluitend, stijgende 'djuuie'. Zijn zang is een mengsel van kwetterende tonen en een kennmerkend 'dzwèèh', dit is vaak in een vleermuisachtige zangvlucht. Ook zingt de Groenling vaak vanaf een hoge zitplaats. Ze komen voor in heel Europa in parken en tuinen en soms ook midden in de stad. In de winter trekt een deel van de  populatie weg, maar tegelijk overwinteren vogels uit het noorden weer in Nederland, zodat het aantal vogels ongeveer gelijk blijft. Ze trekken in de wintermaanden in groepjes rond. De Groenling eet knoppen, bloesems en bloemen, zaden (zonnebloempitten), rozenbottels en bessen. Tijdens het broedseizoen staan er wel eens  insecten op het menu. Ze komen graag naar de voederplaats.

Groenling - European Greenfinch - Chloris chloris
Groenling - European Greenfinch - Chloris chloris

Vink


De Vink is ongeveer even groot als een Huismus. Het mannetje  is in het voorjaar en zomer bont gekleurd. Hij heeft een grijsblauwe kruin en nek, een zwart   voorhoofd, een bruinrood gezicht rug en buik. De snavel is in de zomer blauw en in de winter hoornachtig van kleur. Tijdens de vlucht vallen de witte schoudervlek en de witte vleugelstreep op. Het    vrouwtje is veel stemmiger gekleurd en heeft olijfkleurige bovendelen en net als het mannetje witte buitenste staartpennen. Het geluid is dikwijls een kort pink. Vandaar de naam Vink. De zang is een  kwetterende en in toonhoogte zakkende strofe die   regelmatig wordt herhaald. Buiten de broedtijd zijn ze heel sociaal en trekken in groepjes rond. Ze komen in heel Europa voor en is vaak de meest voorkomende Vinkachtige. Je kan ze in Nederland overal zien waar bomen zijn. Het liefst eet hij van de grond maar dan wel in de buurt van de begroeiing om bij gevaar meteen een vluchtweg te hebben. Hij nestelt in hagen en houtwallen in tuinen en parken. Ze zijn in de  wintermaanden echte zaadeters terwijl ze in de zomermaanden insecten vangen om hun jongen groot te brengen.

Vink - Chaffinch Fringilla - coelebs
Vink - Chaffinch Fringilla - coelebs

Heggemus

De Heggenmus is een echt kbv-tje  (een klein bruin vogeltje). Kijk je wat beter dan zie je dat het eigenlijk een heel mooi vogeltje is. Ze lijken oppervlakkig gezien op een Huismus maar de vogel heeft een fijnere snavel. Hieraan kan je zien dat het een insecteneter is. De kop en borst zijn loodgrijs. De broedbiologie is heel   interessant. Het vrouwtje en dus ook de mannetjes gaan nogal eens vreemd. Meestal heeft het vrouwtje twee mannetjes die ook nog samen voor het broedsel zorgen. De zang is helder en wordt heel snel kwetterend gezongen. Ze beginnen daar al heel snel mee. Eind februari zijn de eerste al te horen. Dit doet hij vanaf een hoge zangpost, het topje van een struik of boom of van een dak. Hij is dan ook een van de  eerste zangers, samen met de mezen en de  boomkruiper. Het geeft je altijd weer het gevoel dat de lente weer in aantocht is. Ondanks zijn vroege zang broedt hij pas half april omdat hij zijn territorium wil  afbakenen. Ze komen voor in naald- en gemengde  bossen met veel ondergroei. Ook zijn ze veel te vinden in   parken en tuinen en open terreinen met heggen en struiken. Hij nestelt in dicht struikgewas of onderin een conifeer. Het vrouwtje legt dan 4 a 5 blauwe eieren. In de wintermaanden nemen ze genoegen met de restjes die van de voedertafel of van de vetbollen afvallen.

Heggemus - Hedge Accentor - Prunella modularis
Heggemus - Hedge Accentor - Prunella modularis
Heggemus - Hedge Accentor - Prunella modularis
Heggemus - Hedge Accentor - Prunella modularis


Vink - Chaffinch Fringilla - coelebs

Zwartkop

De Zwartkop komt  alleen in de zomermaanden voor in onze tuinen. Als insecteneter moet hij noodzakelijkerwijs wel overwinteren in zuid Europa. Het volwassen    mannetje van de Zwartkop heeft een glanzend zwarte kruin die reikt tot ooghoogte. Het vrouwtje heeft een roodbruine kruin. Mannetje en vrouwtje zijn bij deze vogelsoort dus goed van elkaar te onderscheiden.    Verder heeft de Zwartkop een grijze rug, witachtige borst en buik. Hij komt half april terug en is dan overal volop te horen. De Zwartkop is een talrijke broedvogel die sporadisch in Nederland overwinterd. De Zwartkop heeft een zeer melodieuze zang, die veel op de zang van de Tuinfluiter lijkt. De zang van de Zwartkop houdt minder lang aan dan die van de Tuinfluiter. Hij geeft er de voorkeur aan om zijn zang te laten horen vanuit de dekking van het struikgewas en kan ook andere vogels imiteren. De Zwartkop houdt van schaduwrijk bebost gebied en ook van parken en tuinen met veel  ondergroei. Zijn voedsel bestaat in de zomer uit insecten. in de winter kan hij ook op de voedertafel  komen. Hij is schakelt dan over van insecten naar plantaardig voedsel,   vooral bessen. In de herfst eten Zwartkoppen veel bramen en vlierbessen. Ze bevatten veel suikers die weer omgezet worden in vetten die ze nodig hebben als reserveopslag bij de trek. Ze overwinteren rond de Middellandse zee en in West Afrika. Ze broeden half mei. Ze maken een stevig  gevlochten kom van fijne twijgjes en worteltjes en bekleden het nest met mos en dons. Zowel het mannetje als het vrouwtje bouwen aan het nest. Beide ouders broeden de 4 tot 6 eieren uit. De jongen zijn kale nestblijvers die ook door beide ouders verzorgd worden.

Zwartkop - Blackcap - Sylvia atricapilla

Zwartkop - Blackcap - Sylvia atricapilla

TjifTjaf

De Tjiftjaf lijkt sprekend op de Fitis, maar heeft zwarte pootjes. Hoewel Tjiftjaf op de Fitis lijkt, is de zang en de roep erg verschillend. De Tjiftjaf roept zijn eigen naam  tjif-tjif-tjaf . De tjif zingt hij hoog en de tjaf zingt hij laag. Hij herhaalt dit eindeloos. Tussendoor is vaak een zacht prr-prr te horen. De roep, klinkt als een eenlettergrepig wiet (de fitis heeft een tweelettergrepige roep hu-iet). Het is de eerste zomervogel die half maart terug komt uit zijn overwinteringsgebied. Als hij eenmaal terug is begint hij onmiddellijk te zingen om zijn  territorium af te bakenen. De mannetjes keren eerder terug dan de vrouwtjes. Pas in augustus en september, als ze gaan ruien, wordt het stiller. Soms hoor je in oktober ook nog Tjiftjaffen zingen. De Tjiftjaf broedt in verschillende types loofbos, gemengd bos, parken en tuinen. Het nest, dat   bekleed wordt met veertjes, wordt gebouwd door het vrouwtje. Ze hebben één of twee broedsels per jaar en ze legt per broedsel 4 tot 9 eieren. Het vrouwtje broedt de eieren uit. De jongen worden door beide ouders gevoerd. Het voedsel bestaat uit insecten en hun larven die van de bladeren van bomen en struiken verzameld worden. In de     wintermaanden trekken ze naar landen rond de Middellandse zee om daar te overwinteren. Hoewel een enkeling ook wel onze winter probeert te doorstaan. Omdat het echte insecteneters zijn valt dat in de winter niet mee!
Tjiftjaf - Eurasian Chiffchaff or Common Chiffchaff - Phylloscopus collybita
Tjiftjaf - Eurasian Chiffchaff or Common Chiffchaff - Phylloscopus collybita
Tjiftjaf - Eurasian Chiffchaff or Common Chiffchaff - Phylloscopus collybita
Tjiftjaf - Eurasian Chiffchaff or Common Chiffchaff - Phylloscopus collybita

Goudhaan

De Goudhaan is de kleinste vogel die in Nederland voorkomt. Hij heeft de helft van het gewicht van een Pimpelmees! Het zijn wintergasten die elk najaar met miljoenen tegelijk naar ons land komen. Voornamelijk uit Scandinavië en Finland. Ze broeden ook bij ons. Ze zijn makkelijk te herkennen aan de goudkleurige kopveertjes. Ze maken een compacte ronde indruk. Ze zijn moeilijk in de kijker te krijgen, omdat ze meestal rusteloos heen en weer vliegen van tak naar tak, op zoek naar insecten. De Goudhaan zingt vaak als hij rusteloos door de boomkruinen wipt op zoek naar   insecten. Als je ouder wordt zal het steeds moeilijker worden het geluid waar te nemen, omdat hij zacht en hoog zingt. Hij broedt in naaldbossen, gemengde    bossen en coniferen met een voorkeur voor sparren. Hij leeft voornamelijk in de toppen van de bomen. Het voedsel bestaat uit springstaarten en in de broedtijd ook rupsen, spinnen, bladluizen en vliegen. De    Goudhaantjes leven altijd in groepen. Ze moeten zeker ´s winters de hele dag door eten, want als ze een paar uur niet gegeten hebben gaan ze al dood. Strenge  winters eisen veel levens, maar de hoge productiviteit compenseert dat weer. Het bolvormige nest wordt meestal in een naaldboom gemaakt en is gemaakt van spinrag, haar, mos en korstmos. Het is diep, dicht, dikwandig en komvormig. Het hangt aan het einde van een tak en is prachtig geweven. Alleen het vrouwtje broedt de 7 tot 10 eieren uit. Na twee weken zijn de jongen vlieg vlug. Ze hebben dan nog geen gele of oranje kruin.

Goudhaan - Goldcrest - Regules regules
Goudhaan - Goldcrest - Regules regules
Goudhaan - Goldcrest - Regules regules